Op BSO de Springplank komen kinderen uit hoogbegaafdheidsklassen (HB) en reguliere klassen. Op de groep de Uilen (7-12 jaar) komt 40% van de kinderen uit het HB-onderwijs. Omdat we met deze diverse doelgroep werken, passen we een specifieke aanpak toe waarbij we de interactievaardigheden inzetten. Om de intense beleving van de kinderen op een veilige manier te begeleiden, letten we heel bewust op structuur en hoe we communiceren.
Structuur als stevige basis
Onze groepsdynamiek is gebaseerd op duidelijkheid en structuur. Wij structureren de dag samen met de kinderen. Als ze op de BSO aankomen, zorgen we dat we altijd klaar zitten op dezelfde plek waar de kinderen zich aanmelden. Daarna spelen ze eerst een kwartier om de overgang van school naar BSO te maken. Vervolgens gaan we met z’n allen aan tafel om de middag te bespreken.
De dag gedetailleerd bespreken
Om tijdens de middag met de intense beleving van de kinderen om te gaan, communiceren we op een gestructureerde manier. We gebruiken de interactievaardigheden ‘structureren en grenzen stellen’ en ‘praten en uitleggen’ om de kinderen te helpen met het structureren van hun gedachten. Zo vertelt een van de professionals wat we die dag gaan doen. Daarbij geven we gedetailleerde informatie over de activiteiten, omdat we merken dat dit de kinderen helpt om de vele gedachten die ze hebben te kaderen. Als duidelijk is wat we precies gaan doen, met wie en welke eigen inbreng ze mogen hebben, kunnen de kinderen op hun manier aansluiten bij de activiteit. Zo kunnen ze het voorbeeld maken, voorzichtig verkennend starten of totaal wat anders doen met het materiaal.
Ook het ‘waarom’ uitleggen
Voor onze kinderen is het ook heel belangrijk om te weten waaróm iets gebeurt. Een voorbeeld hiervan is: “Ik spreek je nu aan op deze toon, omdat ik dit gedrag gezien heb. Ik zie dat je nu aan het nadenken bent, dus je mag zo vertellen wat je denkt. Daar luister ik naar en daarna kunnen we samen de vervolgstappen bedenken om te zorgen dat iedereen het weer naar zijn zin heeft”. In andere situaties noem ik het altijd ‘de extra zin’: voeg in je communicatie één extra zin toe om uit te leggen waarom je iets zegt. Dit helpt de kinderen met het structureren en reguleren.
Differentiatie binnen de activiteiten
Daarnaast is het belangrijk dat er veel differentiatie binnen de activiteiten is. Als we een activiteit klaarzetten, zorgen we altijd dat er meer materiaal klaarstaat dan nodig is. We zorgen voor voorbeelden, die gebruikt worden op het moment dat de kinderen ernaar vragen. De kinderen hebben verschillende interesses. We delen daarom ook kennis over de processen die bij een activiteit komen kijken en zorgen ervoor dat we een breed scala aan vragen kunnen beantwoorden. Bijvoorbeeld waar het materiaal vandaan komt of welk scheikundig proces achter koken zit.
Zo'n goede voorbereiding helpt om te kunnen differentiëren. Hierdoor lukt het beter om op alle signalen te reageren waardoor de kinderen zich gezien voelen en op hun niveau grenzen gaan verkennen. Als je de activiteit twijfelachtig presenteert of tussendoor dingen moet opzoeken of halen, zullen de kinderen veel minder betrokken zijn of zich minder fijn voelen tijdens de activiteit.
Vier manieren om activiteiten aan te bieden
Om voor nog meer differentiatie in de activiteiten te zorgen, bieden wij ze op vier manieren aan:
- We hebben activiteiten (projecten) die tussen de vakanties altijd opgepakt kunnen worden. Zo hebben we een plantenbak gebouwd van pallets en een groot kartonnen dorp gemaakt. Ook hebben we verschillende manieren van illustreren verkend en uiteindelijk een grote strip geschreven. Momenteel zijn we een carnavalslied mét clip aan het maken. Kinderen leren met deze activiteiten om samen te werken en te plannen. Ook leren ze omgaan met onverwachte situaties, omdat ze niet overal bij aanwezig zijn.
- We bieden iedere week een activiteit aan die bij het thema past.
- We hebben activiteiten die regelmatig terugkeren, gebaseerd op de interesses van de kinderen.
- We stimuleren de kinderen zelf activiteiten te bedenken en aan te bieden, met hulp van ons of van hun ouders.
Ruimte voor eigen én gedeelde verantwoordelijkheid
Kinderen maken graag zelf keuzes. Daarom geven wij ze de ruimte om zelf dingen uit te vinden of te bedenken. Als ze om hulp vragen, geven we tips en laten we ze het nog een keer proberen. Als dat nog niet lukt, helpen we bij het oplossen van de situatie. Als je wilt dat kinderen hun eigen verantwoordelijkheid nemen, moet je ze daarvoor ook de ruimte geven. Controleer ze dus niet, maar praat met ze over wat wel en niet gelukt is. Als kinderen ervaren dat je ze vertrouwt en dat ze dingen op hun manier mogen doen, pakken ze hun verantwoordelijkheid vanzelf. Ze denken dan na over wat logisch en handig is, in plaats van over wat er van hen verwacht wordt.
Op onze groep zijn de materialen en activiteiten ook ingericht op gedeelde verantwoordelijkheid. We hebben voornamelijk coöperatieve spellen en laten kinderen zelf activiteiten organiseren en begeleiden. Vanaf 9 jaar zijn er ook kinderen die met toestemming van hun ouders naar een speeltuin in de wijk mogen. Zij krijgen een walkietalkie mee en nemen als groep de verantwoordelijkheid voor elkaar.
Een persoonlijk gesprek met ieder kind
De pedagogisch professionals zorgen er continu voor dat de kinderen zich veilig en op hun gemak voelen. Dit doen ze door de relatie met de kinderen altijd op de eerste plek te zetten.Als een kind op de BSO start, mag het samen met andere kinderen de groep verkennen. Nadat het kind een paar dagen geweest is, gaan de professionals in gesprek. Met dit gesprek leren ze het kind beter kennen en laten ze merken dat het gezien wordt en zichzelf mag zijn. Tijdens het gesprek worden vragen gesteld als: ‘Wat voel je in deze situatie?’ en ‘Wat werkt goed voor jou als je boos/verdrietig/overprikkeld bent?’. Er wordt altijd een open gesprek gevoerd en vaak tijdens spel.
Meer rust en openheid over emoties
We merken dat kinderen na dit gesprek meer rust ervaren en open durven te zijn over hun emoties. Omdat intense beleving vaak bij hoogbegaafdheid hoort, is het belangrijk dat daar ruimte voor is. Ook moeten kinderen zich veilig voelen om te laten zien wanneer ze het moeilijk hebben.
Ouders waarderen de persoonlijke aandacht voor hun kind
Ouders geven aan dat ze deze persoonlijke aandacht en manier van vragen stellen erg waarderen. Zo hoorden we onder andere terug: “Dit heeft nog nooit iemand aan mijn kind gevraagd”.